Op 16 december 2016 luidde de Sociaal-Economische Raad (SER) in de Volkskrant de noodklok over de integratie van nieuwkomers uit onder meer Syrië en Eritrea. Het inburgeringsbeleid zou te vrijblijvend zijn en het kabinet zou veel te weinig doen om deze tienduizenden vluchtelingen aan het werk te helpen. Begin 2016 bekritiseerde de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) in de studie ‘Geen tijd te verliezen’ de kostbare periode die asielzoekers nu verspillen met wachten en niks doen in de opvang. Vanaf januari 2017 kunnen asielzoekers van wie vrijwel zeker is dat zij mogen blijven, meteen naar taalles. Maar hoe is de inburgering georganiseerd? En wat zou er moeten gebeuren, zodat de nieuwkomer in Nederland ook echt profijt heeft van een inburgeringscursus?
Inburgering en NT2-onderwijs voor volwassenen: een ervaringsdeskundige aan het woord
Er wordt veel geschreven over de Inburgering en over vluchtelingen. Maar er wordt veel minder gepraat met vluchtelingen zelf. In dit interview laten we een ervaringsdeskundige aan het woord. Hoe kijkt zij terug op het (taal)onderwijs dat zij kreeg toen ze naar Nederland kwam?
Onderwijs en jeugdzorg met elkaar verbonden
Vanuit literatuurstudie blijkt dat er voldoende redenen zijn om aan te nemen dat ketensamenwerking leidt tot betere zorguitkomsten en dat dit om een doorbreking van bestaande werkwijzen en een andere blik van professionals vraagt. Het toont tevens de complexiteit aan waar de professional mee dient om te gaan; een verandering op micro meso en macroniveau (Minkman, Ahaus & Huijsman, 2010). Dit artikel laat, naar aanleiding van een ontwerponderzoek, zien op welke wijze ketensamenwerking tot stand kan komen in de huidige maatschappelijke ontwikkelingen. Er wordt een opzet gemaakt voor een Jongeren Service Punt; een locatie in het Voortgezet Onderwijs waar professionals vanuit verschillende organisaties werkzaam zijn en waar leerlingen met vragen van alle dag terecht kunnen. Het onderzoek heeft in het kader van de Master (S)EN opleiding medio 2015/2016 plaatsgevonden op het Blariacumcollege te VenloBlerick.